De Tragedie van de Ongeboren Prinses

Mijn liefste,

Ze namen je mee.

Ik weet niet waar je bent, wat je doet, hoe het met je gaat.

Elke dag hoop ik dat je voor mijn deur staat. 
Ik bedenk me dat je gehavend maar oké bent. 
Dat je op de deur bonst en mijn naam roept.

Daar ben je dan, eindelijk. 

Ik blijf deze brieven schrijven om je te laten weten dat ik van je hou. 
Nooit zul je ze lezen.

Elke dag is er hoop.

Er is altijd een kans dat nooit, ooit wordt.

Voor altijd de jouwe,

P